Steeds vaker komt de steenmarter, ook wel stadsmarter, negatief in het nieuws. De steenmarter rukt op in Nederland en omliggende Europese landen en veroorzaakt steeds meer overlast aan auto’s en huizen.

Op deze website vindt u alles wat u over de steenmarter wilt weten. Wij besteden hier aandacht aan uiterlijke kenmerken van de steenmarter, gedrag, overlast, zijn leefgebied in Nederland en verschillen met andere leden uit de marterfamilie, waaronder de boommarter. Daarnaast besteden we ook aandacht aan apparaten die steenmarters en overlast door steenmarters kunnen voorkomen en verjagen in en rondom uw huis en auto. Tot slot geven wij uitgebreide informatie over autoverzekeringen en wetgeving m.b.t. steenmarters.

Inhoudsopgave

  1. Uiterlijke kenmerken
  2. Uitwerpselen
  3. Gedrag
  4. Geluid
  5. Verspreiding en prevalentie
  6. Marterfamilie
    1. Overeenkomsten en verschillen met de boommarter
    2. Overeenkomsten en verschillen met de bunzing
    3. Overeenkomsten en verschillen met de das
    4. Overeenkomsten en verschillen met de hermelijn

De steenmarter (stadsmarter) is een roofdier uit de marterfamilie (hermelijnen, wezels, bunzingen, fretten, dassen, otters, nertsen en marters). Marters hebben een lang lichaam met korte poten, het zijn vleeseters. Ze kunnen goed klimmen en passen zich makkelijk aan aan verschillende omstandigheden. Qua uiterlijk kunnen ze op een kat of op een kleine vos lijken.

Steenmarter op steen

Steenmarter in de sneeuw

Steenmarter in boom

Steenmarter vooraanzicht

1. Uiterlijke kenmerken van de steenmarter

Een volwassen steenmarter is tussen de 40 en 50 centimeter lang met relatief korte poten. De staart is ongeveer 25 centimeter lang. Steenmarters zijn bruin van kleur met een (grijs)witte vlek op hun keel en borst. Mannelijke steenmarters wegen 1,5 tot 2,0 kilo. Vrouwtjes wegen 0,7 tot 1,7 kilo. Steenmarters hebben een heel eigen “huppelende” manier van lopen. Ze kunnen goed klimmen en maken sprongen tot 1,5 meter hoog. Ook zijn steenmarters erg flexibel en kunnen ze in kleine gaten (5 tot 7 centimeter in doorsnee) kruipen. Zie hierboven foto’s van de steenmarter in zijn natuurlijke omgeving.

2. Uitwerpselen van de steenmarter

Steenmarters leggen uitwerpselen van 4 tot 8 centimeter lang en 0,5 – 1,5 centimeter dik. Dit lijken “worstjes” met een gedraaide punt, vaak in de vorm van een vraagteken. Vaak zijn er nog pitten van steenvruchten in zichtbaar.

3. Gedrag van de steenmarter

In de natuur eten steenmarters vooral vlees (kikkers, muizen, ratten, eekhoorns), aangevuld met vruchten en eieren. Als de steenmarter naar de steden en dorpen trekt (wat steeds vaker gebeurt) dan eet de steenmarter ook rondslingerend afval. Ook valt de steenmarter soms kippen, konijnen of andere kleine huisdieren aan. Steenmarters zijn vooral ‘s nachts actief. Overdag zoeken ze vaak een rustige plek op, wisselend zijn dat in de zomer, hopen takken, greppels en holle bomen. In winter zijn spouwmuren, funderingen, zolders, kelders en schuren favoriet.

Wanneer de steenmarter actief is blijft hij graag in de beschutting. Hij loopt niet graag op open terrein maar verplaatst zich lang bosjes of gebouwen. Ook worden steenmarters waargenomen in dakgoten, langs regenpijpen, in funderingen en in schuren.

4. Geluid van de steenmarter

Van nature is de steenmarter geen herriemaker en maakt de steenmarter weinig tot geen geluid. Het meest opvallende geluid dat men hoort van de steenmarter is het stommelen in of rondom het nest. Dit geluid lijkt op het geluid van een “inbreker op zolder”. Als de steenmarter angstig is kan deze schreeuwende, fluitende of piepende geluiden maken. Daarnaast kan een steenmarter ook tokkelen of mekkeren bij tevredenheid (net zoals een kat kan spinnen). Als steenmarters vechten kunnen ze harde, krijsende geluiden voortbrengen.

5. Verspreiding en prevalentie van de steenmarter

De oorsprong van de steenmarter ligt in Zuid- en Oost-Europa en Azië. De laatste decennia is de steenmarter getrokken naar Midden-Europa en de laatste jaren is de steenmarter steeds frequenter gesignaleerd in Noord-West Europa, inclusief Nederland.

Een steenmarter kiest als voorkeursbiotoop voor zijn territorium traditioneel een landelijke omgeving, het liefst in de nabijheid van menselijke activiteit (ook in verband met voedsel), maar ook kunnen ze diep in de bossen of op rotsen leven.

De laatste jaren zijn er echter ook diverse meldingen van steenmarters die in steden leven. Waarom de steenmarter steeds vaker in steden lijkt voor te komen, is nog niet bekend. De steenmarter verkiest een afgezonderde plaats als schuiloord, inbegrepen schuilplaatsen in bouwwerken van menselijke oorsprong. In Nederland komt de steenmarter vooral voor in de oostelijke rand van het land, met name in Limburg, Brabant, Overijssel, Gelderland en Groningen zijn steenmarters erg actief.

Steenmarters in 2005: 67 steenmarters gemeld

Steenmarters in 2008: 243 steenmarters gemeld

Steenmarters in 2011: 293 steenmarters gemeld

Steenmarters in 2012: 353 steenmarters gemeld

Bovenstaande kaarten en data komen van Waarneming.nl.

6. Marterfamilie

De steenmarter is een roofdier uit de familie van de marterachtigen (Mustelidae). De familie van de marterachtigen heeft vier onderfamilies, te weten otters (Lutrinae met zes geslachten van otters: onder andere Europese otter, zeeotter en rivierotter), Euraziatische dassen (Melinae met vijf geslachten: onder andere de varkensdas, Euraziatische das en stinkdas), Mellivorinae (kleine onderfamilie met alleen de honingdas als geslacht) en de echte marters (Mustelinae met zes geslachten).

De zes geslachten in de onderfamilie echte marters zijn (1) Eira, met de tayra, een Zuid Amerikaanse marterachtige, (2) Galictis, met de grison, een marterachtige die voorkomt in Midden- en Zuid-Amerika, (3) Gulo, met de veelvraat, een grote marterachtige die leeft in Alaska, Canada en Rusland, (4) Ictonyx, met de zorilla, ook wel de gestreepte bunzing, een marterachtige die leeft in Zuid- en West-Afrika, (5) Martes, met Amerikaanse marter, Maleise bonte marter, steenmarter, boommarter, Japanse marter, vismarter en sabelmarter, (6) Mustela, met bergwezel, hermelijn, steppebunzing, langstaartwezel, Japanse wezel, Europese nerts, zwartvoetbunzing, wezel, Europese bunzing (met afgeleid de fret), Siberische wezel, Amerikaanse nerts). Hieronder beschrijven we de overeenkomsten en verschillen tussen de steenmarter en de belangrijkste (vanuit Nederlands perspectief) leden van de marterfamilie.

6.1. Overeenkomsten en verschillen met de boommarter

De boommarter is meestal donkerder van kleur dan de steenmarter. Ook heeft de boommarter een gele bef waar de steenmarter een witte vlek heeft (keel, borst, voorpoten). De boommarter heeft ook langere en bredere oren en ook een kortere en bredere snuit dan de steenmarter. De boommarter varieert in grootte en gewicht (tussen 20 en 50 centimeter voor de romp en tussen 500 gram en 2500 gram zwaar).

De boommarter is zeldzamer dan de steenmarter. De boommarter leeft voornamelijk in het bos en zoekt veel minder de menselijke omgevingen op dan de steenmarter doet. Als u een marter waarneemt in een stad of dorp is het hoogstwaarschijnlijk een steenmarter en geen boommarter. Net als de steenmarter is de boommarter een nachtdier en overdag dus nauwelijks actief. Ook de boommarter is een beschermde diersoort.

6.2. Overeenkomsten en verschillen met de bunzing

De bunzing is donkerbruin met een lichtbruine zijkant (flank). Op de oren van de bunzing hebben witte randjes en de kop is deels ook wit, met uitzondering van een donker masker. In de winter is de vacht opgezet waardoor de bunzing er in de winter dikker uitziet dan in de zomer.

De bunzing is kleiner dan de steenmarter, mannetjes worden maximaal 45 centimeter (500 tot 1500 gram) en vrouwtjes worden maximaal 35 centimeter (400 tot 800 gram). Net als stinkdieren verspreiden bunzingen een penetrante lucht waarmee ze hun territorium afbakenen.

Bunzingen leven in de natuur en zullen niet snel mensen opzoeken. De bunzing kan ook goed uit de voeten in het water. In Limburg wordt de bunzing ook wel een ulling genoemd. Net als de steenmarter zijn bunzingen nachtdieren. De bunzing is de wilde voorvader van de fret.

6.3. Overeenkomsten en verschillen met de das

De das heeft een grijze bovenkant en zwarte poten. De punt van de staart en de oren van de das zijn wit. De kop van de das is wit-zwart gestreept. Dassen kunnen groter worden dan de steenmarter, namelijk tot 80 centimeter met een staart van nog eens 20 centimeter. Ook kunnen dassen makkelijk een gewicht van 15 kilo bereiken. Dassen leven in burchten, in bossen, vooral op de Veluwe. De das is, net als de steenmarter, een beschermde diersoort.

6.4. Overeenkomsten en verschillen met de hermelijn

De hermelijn lijkt enigszins op de steenmarter. De hermelijn heeft ook een bruine vacht en een witte of lichtgele bef. De hermelijn is wel kleiner dan de steenmarter en bereikt een grootte van maximaal 30 centimeter en een gewicht van maximaal 500 gram. De hermelijn is slanker dan de steenmarter. Ook heeft de hermelijn een dunnere staart en een dunnere en langere nek. Hermelijnen zijn zowel ‘s nachts als overdag actief. De hermelijn komt in heel Nederland voor.